Op weg naar tucht
In één van onze vorige columns (januari 2026) hebben we melding gemaakt van het “tuchtregime” zoals opgenomen in de Basiswet (artikelen 122 t/m 146). Over “tucht” en de daaropvolgende “tuchtprocedure” (Basiswet artikelen 122 t/m146) is naast de uitgebreide behandeling in één onze columns van januari 2026 meer te vertellen. Hieronder volgen een aantal praktijkvoorbeelden die aanleiding hebben gegeven / geven om een tuchtprocedure op starten en om uiteindelijk te leiden tot een “tucht” (of straf).
Een vermoeden een “overtreding” te door een gedetineerde kan aanleiding zijn een tuchtprocedure op te starten door de directeur, nadat de waarnemer (meestal penitentiair beambte) een schriftelijke melding hiervan heeft gedaan.
Overtredingen bestaan in diverse klassen en zijn afhankelijk van de feiten. Het niet opvolgen van een “bevel” (een term hier veelal ondergewaardeerd); het niet uitvoeren van een “aanwijzing” van een beambte zoals bijvoorbeeld het niet sorteren van afval en het niet volgen van het werkplan in de werkhuizen. Hier, en later zal dit nog naar voren komen, komt het vaak neer op “macho-gedrag” gevolgd door machtsmisbruik van beambten, die duidelijk willen maken wie de “baas” is; vaak is de (ongepaste) overreactie van de gedineerde aanleiding tot het opstellen van een rapport, hetgeen dan leidt naar een “tucht”.
Regelmatig wordt een “cel”-controle uitgevoerd om na te gaan of er zogenaamde “verboden” voorwerpen aanwezig zijn in de leefruimte van de gedetineerde. Zo mag er slechts een beperkt aantal foto’s, boeken en tijdschriften aanwezig zijn; “het teveel aan …” wordt opgeslagen en overtredingen worden gerapporteerd. Andere voorbeelden zijn; aangescherpte messen, een te grote hoeveelheid aan eigen kledij (het is niet mogelijk om uitgebreide kledijcollecties op cel te hebben; zomer – en winterkleding worden dan ook vaak via een regulier systeem gewisseld door “buitengeven van ” en “ontvangen van..” kledij). Gsm’s of ander communicatiemiddelen die worden aangetroffen vallen onder een andere categorie van bestraffing. Drugs (softdrugs, harddrugs, spierversterkende middelen) zijn natuurlijk evenals in de buitenwereld verboden en geven naast een interne bestraffing via een tuchtprocedure aanleiding om het Parket in te lichten waarna vaak ook nog bijkomende gevangenisstraffen volgen.
Deelname aan een gevechten of dreigementen voor beginnen van een vechtpartij leiden meestal tot een directe afzondering (opsluiting in de eigen cel of in een strafcel of cachot). Het betreft zowel gevechten tussen gedetineerden onderling als gedetineerden met beambten. Voor de laatste categorie van bestaat natuurlijk een verzwaarde bestraffing vaak nog gevolgd door overplaatsing naar een andere gevangenis en ook hier kan een gerechtelijke procedure worden opgestart door het Parket.
Ontvangen van goederen (bijvoorbeeld eten) via bezoekers / bezoek leidt tot ook een strafprocedure. Bestraffingen hier kunnen anders van aard zijn; glasbezoek (geen direct contact mogelijk) of zelfs geen bezoek gedurende een bepaalde tijd
Een uit de hand gelopen (overdreven) woordenwisseling van een gedetineerde met een leraar of een begeleider van een activiteit kan aanleiding zijn voor opstarten van een tuchtprocedure indien melding wordt gedaan van het voorval. De bestraffing is meestal een aantal dagen afzondering (opsluiting in de eigen leefruimte)
Beslissingen (bestraffingen) kunnen worden aangevochten bij de klachtencommissie en de beroepscommissie. Maar opgelegde straffen die uitgesproken zijn naar aanleiding van een tuchtprocedure worden direct uitgevoerd. Dit wil zeggen dat indien de Klachtencommissie en/of de Beroepscommissie de tucht als “onterecht” beoordeelt, de opgelegde straf toch reeds is uitgevoerd. Opschorting van de straf naar aanleiding van een tucht komt dus nooit voor.
Maart 2026
L&B