INTRO: 

Beste lezers, 

Ik wil mezelf even introduceren, ik ben een gedetineerde in een gevangenis in Belgie. Binnendemuren heeft mij verzocht anoniem te schrijven, om diverse redenen maar mijn persoonlijke gegevens zijn uiteraard bekend bij Binnendemuren. Zie het best wel als wat moois en betekenisvol zulk een maandelijkse column neer te gaan pennen i.v.m het leven in gevangenschap. 'The real stuff' weliswaar dan. Dit is best ingewikkeld om het geloofwaardig over te brengen. Het huidige kijkcijferstreven op media waar gemiddeld ongeveer 7 á 8 vervolgreportages worden uitgezonden per dag, aangaande het reilen en zeilen bij justitie over gans hun systeem, doen vermoeden dat de kijkers ondertussen zelf al experten zijn geworden hoe men in dit systeem tot rechtvaardiging moet komen! Wat zal dan een detineerde, zoals ik met een strafblad van hier tot ginder, nu met 11 jaar op teller en nog ongeveer 12 te gaan, hier nog wat interesse komen opwekken? ( Laat staan geloofwaardig binnenkomen). Nou, gezien ik in dit desolate landschap weinig meer verliezen kan, wil ik toch proberen met dit column de realiteit, het wel representatief beeld weergeven van gedetineerd zijn, over gans systeem over te brengen. In de hoop toch wel interesse op te wekken dit systeem niet enkel maar verder te laten leven zoals de regie het naar buiten heeft willen brengen van de commercieel georkesteerde T.V makers. Realiteit is toch wel wat anders, neem het van mijn aan!

Bedoeling is, aan de hand van maandelijks bepaalde onderwerpen, jullie duidelijker te maken waar het nu juist wel beter zou kunnen, zonder zomaar wat vertekende beelden weer te geven, zoals nu dus dagelijks te zien is via media. Ook wil ik jullie meer vertellen over het 'gewone' dagelijkse leven binnen de muren. Het is dankzij Binnendemuren dat deze realiteit naar buiten kan komen, zonder regie van de kijkcijferproducenten die geen rekening houden met de mens op zich maar eigen belang prioritair stellen. Uiteraard is alles relatief op dit gebied, waar veel leed, gruwel en pijn zowat de toon aangeven van criminaliteit op zich, altijd wel een negatieve weerklank zal hebben. Geloof mij A.U.B, ik doe hier niets wat verbloemd noch vertekend zou kunnen overkomen, ga zeer zeker gedetineerden niet op een voetstuk trachten te positioneren of ze als slachtoffers van omstandigheden neerzetten, integendeel zelfs, ga ons niet sparen! Niemand zit onschuldig opgesloten, draai of keer het zoals je wil, terecht of onterecht is wat anders, dat moet en zal elke gedetineerde wel beamen als hij/zij oprechtheid hoog in het vaandel dragen zal!!

Op een goed verloop van dit project zou ik hier zeggen om af te sluiten. Het eerste column volgende maand wil ik graag invullen met het thema: Waarom wordt men opgesloten en voor hoe lang? Straf en strafmaat, terecht/onterecht. 

Het allerbeste en graag tot de volgende keer!

P.S. De laatst geplaatste column zal steeds bovenaan verschijnen!

 

COLUMN 30: (Levens)langgestraft is elke dag opnieuw (deel 1)

(Levens)langgestraft is elke dag opnieuw (deel 1)

Meer dan vijfentwintig jaar in de gevangenis. Eén ding leert heel snel: langgestraft (méér dan 25 jaar) is niet alleen een straf van tijd. Het is een straf van herhaling, dezelfde deur, dezelfde gang, dezelfde sleutel in hetzelfde slot, dezelfde luchtplaats en dezelfde vraag in mijn hoofd: Is dit nu mijn leven geworden? Buiten de gevangenis denken mensen vaak dat een lange straf simpel is. Zware criminele feiten, dus lange straf. Punt. Maar zo werkt het niet in een mensenhoofd. Het is geen rechte lijn. Het is een slepende tocht. Een gevecht tegen de sleur, schaamte, spijt, angst en de harde stilte van de nacht. Het is wakker worden met beton om me heen en gaan slapen met gedachten waar ik niet aan ontsnap. De tralies zijn niet altijd van staal, maar zitten in het hoofd. Want wat is langgestraft en levenslang echt? Het is niet alleen ontneming van de vrijheid. Ook de plaats in de gewone wereld gaat verloren. Buiten gaan kinderen naar school, mensen veranderen van job, ouders worden ouder, vrienden verdwijnen, huizen worden verkocht, buurten veranderen, telefoonnummers sterven uit. En ik? Ik blijft op dezelfde paar vierkante meter oefenen in overleven. De wereld loopt door. Ik blijft staan. Dat vreet aan een mens, ook aan mij. In een Belgische gevangenis is tijd geen neutraal ding. Buiten helpt tijd soms om wonden te helen. Binnen kan tijd ook afbreken. Elke dag die op de vorige lijkt, knaagt aan het gevoel vooruit te gaan. Daarom is (levens)langgestraft psychologisch zo hard. Niet omdat elke dag spectaculair wreed is, maar omdat zoveel dagen leeg zijn. Leegte en stilstand kunnen worden gelijkgesteld aan “geweld”. En toch is het beeld, dat een (levenslang)gestrafte in zijn cel gewoon wacht tot hij sterft, niet helemaal juist. België kent een systeem waarbij ook lang- en levenslanggestraften na minimaal 15 jaar gevangenschap een eerste kans krijgen om zelf via de strafuitvoeringsrechtbank (SURB) de terugkeer naar de maatschappij aan te vragen. Vijftien jaar is niet automatische gelijk aan het verlaten van de gevangenis; het is geen cadeau. Er moeten voorwaarden vervuld zijn. Er moet een plan zijn. En nadien is er controle, begeleiding en langdurige opvolging. Precies daarom is “hoop” bij een (levens)lange straf zo dubbel. Hoop heb ik nodig om niet te breken. Maar hoop kan ook pijn doen. Wie elke dag denkt: misschien verandert er iets, leert ook elke dag wat teleurstelling is. Het is beter “klein” te hopen; een brief, een bezoek, een rustig gesprek, een goede nacht slaap, een directeur, een hulpverlener of een bewaker die niet alleen naar het dossier kijkt, maar belangstelling heeft in  de mens die daar achter zit. Dat is waar het vaak over gaat: gezien worden als mens, en niet alleen als dader. Om “hoop” te verstevigen zijn ook eigen bijdragen hieraan mogelijk, soms gepaard gaand met een beetje discipline en zelfrespect; opnemen van een studie, deelnemen aan groepsactiviteiten, lezen van boeken, bewegingsoefeningen, kijken naar een amusementsprogramma of (komische) film. Activiteiten die voor korte of langere tijd je zinnen verzetten en ervoor zorgen dat ik even een gevoel krijgt om direct daarna je terug te richten op het daderschap en de gevolgen daarvan.

L&B

Juni 2026

COLUMN 29: TELIO

Telio 

De titel zegt helemaal niets. En toch is het een vernieuwing voor het gevangeniswezen dat tot ervoor nog op de oude prehistorische manier van communiceren werkte met papier en pen. In de gevangenis moest je voor elke dienst je vraag formuleren op papier, deze dan op de bus doen en hopen dat het ook aankwam bij de dienst waar het voor bestemd was. Regelmatig verdwenen er papieren, of deze bleven ergens plakken (liggen), en dan was het hopen dat er een reactie of antwoord werd gegeven en dat deze tot bij de gedetineerde kwam. Je had ook nooit een bewijs van versturen (op de bus doen) of moest hopeloos wachten en dan kwam er geen reactie.

Dat alles is achterhaald en er werd Telio geïntroduceerd en geïnstalleerd. Hiervoor heeft Justitie een externe firma ingezet, die alle cellen van de benodigde kabels en aftakdozen voorzag, en ook van een toetsenbord en muis, net zoals bij een computer. Ook de tv en telefoon op cel werken met het systeem Telio. Zoals in de normale wereld zijn er hier na een jaar nog steeds kinderziekten vast te stellen, en dan heb ik het vooral over haperingen in het systeem. Inloggen gaat niet of heel moeilijk, berichten gaan niet door.

De bedoeling van het hele systeem is dat de vragen sneller worden beantwoord, maar ook hier zijn er minpunten. Wanneer men een vraag stelt aan een bepaalde dienst, dan komt de vraag eerst in het vakje ingediend, dan weten wij, of denken wij toch dat de vraag is aangekomen. De bewaste dienst zet dan de vraag over op het vakje bezig of reageert onmiddellijk en brengt dan de vraag met het antwoord over naar het vakje beantwoord.

Via Telio is er ook de mogelijkheid om de laatste nieuwsberichten in een korte versie te lezen. Ook wat vroeger met flyers op de vleugels werd bekend gemaakt wordt hedendage via Telio gecommuniceerd. Telio maakt het nu ook eenvoudiger om overschrijvingen te doen naar de buitenwereld. Men kan ook al de bewerkingen zien van de laatste 365 dagen op zijn rekening en het opladen van je tegoed op de telefoon gebeurt via dit systeem.

Tv kijken kan altijd. Wanneer je niet over de financiële middelen beschikt dan zijn er altijd vier zenders en het kanaal van de gevangenis ter beschikking. Indien je wel over de middelen beschikt dan activeer je je abonnement 0.60 eurocent per dag en heeft men de beschikking over 81 zenders en het gevangeniskanaal. Een magazine met de tv-programma’s erin is niet nodig want er is ook een tv-gids ter beschikking al is deze niet altijd accuraat. Er is ook de mogelijkheid om via Telio naar de radio te luisteren, 21 radiokanalen zelfs 28 ingestelde web kanalen zijn ter beschikking las deze al werken.

Naast dit alles zijn er ook de mogelijkheden om e-boeken te lezen op het scherm in verschillende categorieën en talen. De bibliotheek heeft ook zijn stekje op Telio met de hele catalogus van boeken, muziek cd’s en films.

Of dit het zal worden voor de toekomst is afwachten, bij Justitie veranderen ze soms snel en veel.

 

April 2026

L&B

COLUMN 29: OP WEG NAAR TUCHT

Op weg naar tucht

In één van onze vorige columns (januari 2026) hebben we melding gemaakt van het “tuchtregime” zoals opgenomen in de Basiswet (artikelen 122 t/m 146). Over “tucht” en de daaropvolgende “tuchtprocedure” (Basiswet artikelen 122 t/m146) is naast de uitgebreide behandeling in één onze columns van januari 2026 meer te vertellen. Hieronder volgen een aantal praktijkvoorbeelden die aanleiding hebben gegeven / geven om een tuchtprocedure op starten en om uiteindelijk te leiden tot een “tucht” (of straf).

Een vermoeden een “overtreding” te door een gedetineerde kan aanleiding zijn een tuchtprocedure op te starten door de directeur, nadat de waarnemer (meestal penitentiair beambte) een schriftelijke melding hiervan heeft gedaan.

Overtredingen bestaan in diverse klassen en zijn afhankelijk van de feiten. Het niet opvolgen van een “bevel” (een term hier veelal ondergewaardeerd); het niet uitvoeren van een “aanwijzing” van een beambte zoals bijvoorbeeld het niet sorteren van afval en het niet volgen van het werkplan in de werkhuizen. Hier, en later zal dit nog naar voren komen, komt het vaak neer op “macho-gedrag” gevolgd door machtsmisbruik van beambten, die duidelijk willen maken wie de “baas” is; vaak is de (ongepaste) overreactie van de gedineerde aanleiding tot het opstellen van een rapport, hetgeen dan leidt naar een “tucht”.

Regelmatig wordt een “cel”-controle uitgevoerd om na te gaan of er zogenaamde “verboden” voorwerpen aanwezig zijn in de leefruimte van de gedetineerde. Zo mag er slechts een beperkt aantal foto’s, boeken en tijdschriften aanwezig zijn; “het teveel aan …” wordt opgeslagen en overtredingen worden gerapporteerd. Andere voorbeelden zijn; aangescherpte messen, een te grote hoeveelheid aan eigen kledij (het is niet mogelijk om uitgebreide kledijcollecties op cel te hebben; zomer – en winterkleding worden dan ook vaak via een regulier systeem gewisseld door “buitengeven van  ” en “ontvangen van..” kledij). Gsm’s of ander communicatiemiddelen die worden aangetroffen vallen onder een andere categorie van bestraffing. Drugs (softdrugs, harddrugs, spierversterkende middelen) zijn natuurlijk evenals in de buitenwereld verboden en geven naast een interne bestraffing via een tuchtprocedure aanleiding om het Parket in te lichten waarna vaak ook nog bijkomende gevangenisstraffen volgen.

Deelname aan een gevechten of dreigementen voor beginnen van een vechtpartij leiden meestal tot een directe afzondering (opsluiting in de eigen cel of in een strafcel of cachot). Het betreft zowel gevechten tussen gedetineerden onderling als gedetineerden met beambten. Voor de laatste categorie van bestaat natuurlijk een verzwaarde bestraffing vaak nog gevolgd door overplaatsing naar een andere gevangenis en ook hier kan een gerechtelijke procedure worden opgestart door het Parket.

Ontvangen van goederen (bijvoorbeeld eten) via bezoekers / bezoek leidt tot ook een strafprocedure. Bestraffingen hier kunnen anders van aard zijn; glasbezoek (geen direct contact mogelijk) of zelfs geen bezoek gedurende een bepaalde tijd

Een uit de hand gelopen (overdreven) woordenwisseling van een gedetineerde met een leraar of een begeleider van een activiteit kan aanleiding zijn voor opstarten van een tuchtprocedure indien melding wordt gedaan van het voorval. De bestraffing is meestal een aantal dagen afzondering (opsluiting in de eigen leefruimte)

Beslissingen (bestraffingen) kunnen worden aangevochten bij de klachtencommissie en de beroepscommissie. Maar opgelegde straffen die uitgesproken zijn naar aanleiding van een tuchtprocedure worden direct uitgevoerd. Dit wil zeggen dat indien de Klachtencommissie en/of de Beroepscommissie de tucht als “onterecht” beoordeelt, de opgelegde straf toch reeds is uitgevoerd. Opschorting van de straf naar aanleiding van een tucht komt dus nooit voor.

 

Maart 2026 

L&B

COLUMN 28: KLEDIJ

Kledij 

Tot voor enkele jaren was iedereen in de gevangenis verplicht dezelfde kledij te dragen. Deze kledij kreeg je bij aankomst als een pakket. Een pakket omvatte 2 grijze broeken, 2 grijze vesten, 2 lichtblauwe polo’s, 2 grijze hemden, 7 onderhemdjes, 7 onderbroeken, 7 paar kousen, 1 bodywarmer, een regenjas (plastiek), voor de rest zaten er ook grote en kleine badhanddoeken, 2 washandjes, 2 lakens, 2 kussenslopen, schoteldoek en een dweil, een paar schoenen en slippers en een wasnet en daar moest je het mee doen. Elke week is er wel de mogelijkheid om alles te laten wassen op kosten van de gevangenis. Sinds enkele jaren is alles daarin veranderd.

De gevangeniskledij is er nog steeds, maar nu kunnen we ook onze eigen kledij dragen, en dat voel toch al wat aangenamer aan. Eigen kledij wordt “privé kledij” genaamd, en mag in geen geval trekken wat kleur betreft op de kledij van het personeel en dat is donkerblauw. Ook de privé kledij is aan aantallen verbonden zijnde: 14 onderbroeken, 14 paar sokken, 2 pyjama’s, 4 paar schoenen (lage schoenen, hoge sportschoenen) sandalen (NIET TOEGESTAAN: laarzen, bottines, en veiligheidsschoenen), 2 paar badslippers/pantoffels, 14 T-shirts (T-shirt en polo’s met korte of lange mouwen), 4 hemden (met korte of lange mouw), 4 korte broeken (sportshort, bermuda, ¾ broek), 3 lange broeken (inclusief jogging/trainingsbroek, jeans, sportieve broek) (NIET TOEGESTAAN: werkbroek), 4 truien (fijne zomertrui, gebreide wintertrui, fleece met of zonder kap), 2 trainingspakken (trainingspak, joggingpak), 3 jassen, 2 hoofddeksels (muts, pet, hoofdverwarmer), 2 sjaals (zomersjaal, wintersjaal), 2 handschoenen (gebreide, fleece- of winterhandschoenen) en 1 broeksriem/bretellen.

Bij de kijkcontrole, die onverwachts wordt uitgevoerd, komt een beambte dit controleren in de cel. De meeste van de beambten zijn er flexibel in, en kijken niet op enkele stukken meer, maar andere en dan vooral deze die net begonnen zijn aan hun carrière als beambte volgens de regels, en dan moet het teveel aan kledij worden gedeponeerd (bij de verboden goederen). Dan vragen wij ons af, wat kan je doen met 1 onderbroek te veel of 1 paar kousen te veel, brengt dat de veiligheid in gevaar?

En dan moeten we als we het over kledij hebben ook nog hebben over het wassen van de kledij. In het algemeen is er een wasserij in de gevangenis die alleen kledij wast, al is er hier een uitzondering op de vernieuwde vleugel daar is een wasmachine en droogkast ter beschikking van één verdieping. Hoe werkt het wassen van de kledij? Men moet zijn te wassen kledij in een wasnet steken en dichtdoen, deze wordt gezamenlijk met de netten van al de andere gedetineerden van de vleugel naar de wasserij gebracht. Daar wordt alles in een industriële wasmachine gestampt en met een minimum van het goedkoopste van het goedkoopste waspoeder gewassen. De was kan niet slaan zoals ze zeggen, en dus ook nooit proper zijn. Wasverzachter gebruikt men al helemaal niet. Met andere woorden, je privé was ruikt niet lekker en is als we het over witte T-shirts hebben na enkele weken grauw van kleur. En de beschadigingen laten ook te wensen over. RESPECT voor de privé goederen van een gedetineerde heeft men niet.

 

Februari

L&B

 

COLUMN 27: BASISWET DEEL 3

Basiswet - deel 3 - Tuchtregime

Eén van de belangrijkste hoofdstukken voor gedetineerden is het gedeelte betreffende het zogenaamde “Tuchtregime” (Basiswet art. 122 t/m art. 146). Een vette kluif waar veel over te vertellen is, maar waar praktijkvoorbeelden die we in één van de volgende columns zullen bespreken veel mee (of juist minder) tot de verbeelding zullen spreken van ons lezerspubliek.

Het tuchtregime dient ervoor om de orde en de veiligheid binnen de gevangenis te vrijwaren met eerbiediging van de waardigheid. Met als bijkomende randvoorwaarde dat de tuchtprocedure beperkt moet blijven tot situaties waarbij de handhaving van de orde en veiligheid dit gebiedend rechtvaardigen en geen andere middelen ingezet kunnen worden om dit te bereiken.

Tuchtsancties worden opgelegd door de directeur en voor één en dezelfde inbreuk kan slechts één straf worden gegeven.

De inbreuken zijn opgedeeld in twee categorieën. In de eerste categorie onder andere bedreigingen van personeel, poging tot ontsnappen, gebruik en bezit van drugs en voeren van collectieve acties. Tot de tweede categorie: communiceren op onregelmatige wijze, veroorzaken lawaaihinder, niet opvolgen bevelen personeel en niet naleven van het eerder  besproken huishoudelijk reglement.

Tuchtsancties worden opgelegd door de directeur en variëren van afzondering op eigen cel, opsluiting in een strafcel en ontzegging van deelname aan activiteiten. Tuchtsancties volgen op een vaststelling door het personeel waarvan het vermoedt dat een inbreuk heeft plaatsgevonden en melding hiervan heeft gedaan aan de directeur.

De directeur beslist of de feiten al dan niet een tuchtrechtelijk gevolg vereisen. Indien de feiten geen tuchtprocedure vereisen kan alleen een kennisgeving of een berisping aan betrokken gedetineerde worden gegeven.

Voortzetting van de tuchtprocedure gebeurt door middel van een tuchtzitting waarbij betrokken gedetineerde, al dan niet door een advocaat bijgestaan, wordt gehoord door de directeur. Ook getuigen kunnen worden gehoord. De directeur neemt binnen 48 uur een beslissing welke tuchtmaatregel toegepast zal worden.

De gedetineerde kan alleen schuldig worden verklaard aan de ten laste gelegde beschuldiging indien de directeur op grond van al het bewijsmateriaal waarover hij beschikt de ten laste gelegde feiten bewezen acht en de ter verantwoording geroepen gedetineerde daaraan schuldig acht.

De gedetineerde wordt schriftelijk op de hoogte gebracht van de beslissing én van de beweegredenen (motieven en keuze strafmaat) waarop ze steunt. Tegen een beslissing kan door de gedetineerde een klacht worden ingediend. Maar de beslissing van de directeur is uitvoerbaar zodra ze aan de gedetineerde ter kennis is gesteld en dit onverminderd de mogelijkheid van beklag.

Met andere woorden de straf wordt altijd uitgevoerd ondanks, eventueel later via een klachtenprocedure  en eventueel een beroepsprocedure, de gedetineerde door de Klachtencommissie én/of Beroepscommissie onterecht bestraft blijkt te zijn (Klachten en beroepsprocedure zullen in een latere column worden besproken).

Enkele praktijkvoorbeelden zullen worden besproken in één van onze volgende columns zodat duidelijk kan worden op welke wijze via de tuchtprocedure getracht wordt de orde en veiligheid in de gevangenis te handhaven

L&B

Januari 2026