Gijzeling Leuven-Centraal: veiligheid of andersheid?

"In de gevangenis van Leuven zijn op 29 oktober bij een gijzeling 1 dode en 5 gewonden gevallen. Twee zijn er erg aan toe. Het incident begon donderdagavond toen 2 gedetineerden met een stok en een steekwapen cipiers en andere gevangenen aanvielen. De daders gijzelden een gedetineerde en sloten zich op. Een speciale politie-eenheid kwam tussenbeide. Een van de daders kwam om. De andere dader bleef ongedeerd en is opgepakt. Bij de gijzeling raakten 2 cipiers en 3 gedetineerden gewond. Eén cipier en één gedetineerde zijn er erg aan toe”.

 

 

Natuurlijk is dit een horror pur sang in strafinrichting met een opendeur systeem zoals Leuven-Centraal. Minister de Clerq  geeft in 1ste reactie: overbevolking, verouderde infrastructuur, personeeltekort en toename van geweld in de gevangenissen en gebrek aan beveiligingsmiddelen worden als veroorzakers naar voren geschoven. De directeur verwijst naar de tussenkomst van gedetineerden. Door de vakbondsafgevaardigden van de penitentiaire  beambten (PB) sterk taal gesproken en stakingen van het personeel blijven niet uit. Het gaat vooral om het facet van de veiligheid van het personeel. Eisen die op tafel worden gelegd: meer personeel, camerabewaking, meer middelen.

Personeelstekort is er in Leuven-Centraal zeker niet: meer dan 195 FTE’s waar net geen 210 FTE’s (voor ca. 300 gedetineerden) vereist zijn. Ook van overbevolking is geen sprake gezien alle veroordeelde gedetineerden een eigen cel hebben. En ook camerabewakingssysteem en een systeem met gesloten deuren hadden dit tragische voorval niet kunnen voorkomen.

 

Maar wat is dan wel de oorzaak van dit gewelddadige thriller fragment?

Leuven-Centraal is een strafinrichting waar de vrijheid wordt ontnomen van veroordeelden.

Veroordeelden van allerlei pluimage en slag: o.a. moordenaars, zedendelinquenten, bolletjesslikkers, mensenhandelaars, tasjesdieven en oplichters. Mensen uit meer dan 50 verschillende landen (alle kleuren en vreemde culturen, godsdiensten en gewoontes) leven er in een gesloten gemeenschap met elkaar. Voor de gedetineerden is er de Basiswet die rechten geeft en er zijn de interne gevangenisreglementen (al dan niet geschreven) waaraan men zich moet houden. Overtredingen kunnen worden gesanctioneerd.

Een andere groep constant aanwezig in de gevangenis zijn de bewakers (kwartieroversten [KO] en penitentiair beambten). Hierbij zelfstandigen en huisvrouwen, mensen die, velen niet gemotiveerd, hun tijd volmaken om later verzekerd te zijn van een pensioen. Daarbij ook mensen die niet meer dan lagere school hebben gevolgd, er zijn geen vereisten om cipier te worden. Voordat de carriére aanvangt in de gevangenis krijgen de uitverkorenen een te korte opleiding, “omgaan met (moeilijke) mensen” en sociaal gedrag zijn geen onderdelen van de cursus.

De opleiding brengt wel de belangrijkste regels bij: de PB heeft altijd gelijk en tegenspraak ook al is deze terecht, wordt niet geduld. Verder de interne draaiboeken voor bewakers met daarin vastgelegd welke maatregelen genomen moeten worden en welke incidenten bestraft moeten worden.

 

Eigenlijk niets bijzonders op het eerste gezicht. Wat zijn dan wel de problemen?

 

Gedetineerden die met hun eigen psychische problemen (omgang met detentie, maar ook problemen uit een verder verleden), ondanks er duidelijke tekenen te bespeuren, nergens terecht kunnen of veel te lang moeten wachten voordat ze hierover gehoord worden. Deze mensen met een labiel gedrag en vaak moeilijk karakter worden wel in een opendeur systeem geplaatst met de gedachte dat de gemeenschap van gedetineerden zelf hen wel opvangt, hierbij aan te merken dat elke gedetineerde zij eigen problemen heeft en over het algemeen weinig oog en oor heeft voor zijn medemens en daar ook niet altijd de capaciteiten voor heeft deze hulp te kunnen bieden. Er vindt geen preselectie plaats.

 

De ongeschoolde bewakers die eigen willekeurige interpretaties geven aan de reglementen: openlijk gedetineerden bevoordelen (die in principe allemaal dezelfde grijze kleding dragen), spotten en lachen, al dan niet met een racistisch trekje, om en met gedetineerden, het als dieren behandelen van gedetineerden door hard te roepen en fluiten (sommige bewakers zouden dan ook in een dierentuin of circus kunnen werken), ongeïnteresseerd met de voeten op het bureau commando’s geven, hypocriet gedrag, te zwaar sanctioneren en oversanctioneren  (erger maken in een rapport dan in de werkelijke situatie), leidinggevenden (o.a. KO’s) die hun verantwoordelijkheden per plaatse onvoldoende opnemen, ondanks de vele signalen die vooraf door de gedetineerden zijn gegeven, of een combinatie van voornoemde punten.

 

Het is dus niet de veiligheid maar de andersheid van het personeel dat de oorzaak is van de problemen.

Als men mensen als dieren behandeld, moet men niet vreemd opkijken dat op een gegeven moment de mensen zich als dieren gaan gedragen.