“Onschuldig in voorarrest: die 6 weken waren de hel”

Een dokter die 6 weken in voorarrest zat maar uiteindelijk volledig vrijgesproken werd, vraagt de minister van Justitie om het systeem van voorlopige hechtenis te herzien. “Ik ben daar doodgegaan. Je wéét dat je onschuldig bent, en toch zit je opgesloten. Je huilt uren en uren” aldus dokter Ignace. Elk jaar zitten er 350 mensen onterecht in voorlopige hechtenis.

De arts schreef zijn ervaringen neer voor het Radio 1 programma ’De Ochtend’, dat gisteren werd uitgezonden vanuit de gevangenis in Hasselt. Hij zat in 2006 zes weken in voorlopige hechtenis in de Gentse gevangenis De Nieuwe Wandeling. Maar zowel in eerste aanleg als in beroep werd de man vrijgesproken. “Kan de minister van Justitie dit onrecht wissen, door 70 euro schadevergoeding per dag onterechte voorhechtenis te betalen? Neen! Hij moet er voor zorgen dat dit nooit meer gebeurt”.

Dokter Ignace beschrijft hoe hij die vreselijke 6 weken heeft beleefd. Hij begint met de ochtend waarop hij werd gearresteerd. ‘Je wordt bij een mooie zonsopgang om 7 uur

’s morgens uit je bed gehaald. Er worden verwijten en tenlasteleggingen naar je hoofd gegooid. Je wordt geboeid, je ziet je partner verdwaasd achterblijven, je wordt in een auto gestopt, urenlang ondervraagd, tijdens een middag- en boterhampauze een uurtje in een cel opgesloten met enkel een betonnen bed. Daarna word je opnieuw ondervraagd, deze keer in een andere politiekazerne. Om 17 uur beland je in een cel van 1 (één) vierkante meter met heuse tralies. Dan kom je bij een onderzoeksrechter die je nog meer gedonder geeft en je uiteindelijk om 20 uur ’s avonds naar de gevangenis laat overbrengen waar je wegens het late uur vlug een dun matrasje krijgt op de grond bij een andere gevangene’.

141 passen

‘De hele tijd weet je dat je niet gedaan hebt wat er naar je kop gegooid wordt. Je bent onschuldig, je weet dat je onschuldig bent, je weet dat je niet in staat bent hetgeen te doen waarvan men je verdenkt. En wat doe je dan? Het is niet moeilijk. Je kijkt naar het journaal, dagelijks. Dan huil je uren, uren en uren. Gelukkig krijg je 2 dagen volledige afzondering. Niemand moet je zien huilen. Je bent alleen, je enige contact met de buitenwereld is een luikje: 80 vierkante centimeter op zijn hoogst. Je hebt een bed, een lege kast, een tafel en een stoel, een vuil toilet en een oude lavabo met spiegel waarmee je alleen jezelf hebt’.

‘Maar aan alles raak je gewend. Na een tiental dagen durf je toch eens meegaan naar de ‘wandeling’. Gelukkig kan je na één terug binnen en moet je niet nog een uur tussen andere ‘criminelen’ lopen. Want dat ben ik op dat moment ook: crimineel. Maar het went ook. Je loopt rondjes: 141 passen precies. Dat was één van mijn enige zekerheden: 141 passen. De andere zekerheden: alle dagen eten, op zondag naar de mis, een paar kameraden op de koer, een bed én mijn eigen onderbroek! Onderbroek? Ja. Normaal, als je de gevangenis binnenkomt, moet je alle keren uitdoen en krijg je ondergoed, kousen, sloffen, polo, broek, handdoek en washandje. Maar omdat ik pas rond 20 uur aankwam, was de ‘kledingdienst’ al gesloten. Dus had ik geluk en liet me mijn eigen ondergoed behouden. Ik heb elke nacht, 6 weken lang, in die onderbroek geslapen. Dat was het enige wat nog van mij was. Elke dag uitwassen. Dat was de enige ‘waardigheid’ die ik nog had’.


Gezin

‘Ik kan nog vertellen over de heimwee. Mijn heimwee en die van anderen. Over het prikbord boven mijn tafel. Een bord dat elke dag voller werd: kaartjes van patiënten en foto’s van mijn gezin, dat nu opgeblazen is’. Dokter Ignace besluit: ‘Ik ben niet veroordeeld. Ik ben door een hel gegaan, en mijn naasten met mij. Het gaat er mij niet om mijn proces te herdoen, ik ben vrijgesproken. Ik wil wel de problematiek van de voorlopige hechtenis aanklagen’.

BRON: HLN 20-3-2012